Verslag lezing over wilgenhout door Arie van Dijk

Op donderdag 24 mei 2012 was de heer Arie van Dijk uit Papendrecht te gast in Werkendam. Op verzoek van onze vereniging verzorgt hij een lezing over de teelt en verwerking van wilgenhout. De wilg is een prachtige boomsoort die vroeger voor vele doeleinden is gebruikt. Tegenwoordig genieten we in het voorjaar van de mooie bloesem, beter bekend als katjes. Met wilgenhout kun je alle kanten op: manden, hoepels, stoelenhout, stelen, bonestaken, palen, zinkstukken, industrie, boerengeriefhout enz.
De wilg heeft een aantal eigenschappen waardoor deze boomsoort zo populair is geworden: buigzaam, taai, schilbaar en splijtbaar. Rond het jaar 1900 telt Nederland zo’n 14.000 hectare griend, in te delen naar snij- en hakgrienden. Een kaartje geeft duidelijk de teeltgebieden in de provincies weer.

De snijgrienden leveren wilgenteen op dat de weg vond naar de mandenmakerij. Aan de hand van prachtige oude foto’s toont Arie van Dijk allerlei soorten manden: biggenmanden, bussels voor de fruitoogst, korven voor spiering en prik en bijvoorbeeld siroopflessen in manden voor Jamin. In Vlijmen en omgeving werkte in 1939 zo’n 800 man in de mandenmakerij met een productie van 1,6 miljoen manden. In het Friese Noordwolde ontstond een huisindustrie met vooral het maken van meubels maar ook strandstoelen. Noordwolde kent een vlechtmuseum en dat is een aanrader om te bezoeken.

De hakgrienden worden eenmaal in de drie of vier jaar gehakt. De rijshaak is een bekend voorwerp geworden in onze contreien. Het gehakte hout wordt keurig gesorteerd en opgebost. Het beste hout wordt gebruikt voor de hoepelmakerij. Denk hierbij aan haring- en botervaatjes, zeeptonnetjes, bier- en jeneverfusten, cementvaten en vaten voor de suikerfabrieken. Maar naast hoepels werd de oogst van de hakgrienden ook gebruikt voor zinkstukken. De aannemers Bos, Kalis en Volker zijn hierdoor groot geworden.

Arie van Dijk sluit af met het tegenwoordige onderhoud van de grienden. We kunnen beter spreken van knotgrienden en dat is een groot verschil met het verleden. Deze grienden verhogen wel de natuurwaarde omdat het één van de rijkste biotopen is geworden en eenjarige plantensoorten hierdoor tot hun recht komen. Daarnaast vinden zoogdieren een schuilplaats in de knotgrienden die nu omgevormd zijn tot een gemengd loofhoutbos.

Voorzitter Chris Baggerman bedankt Arie van Dijk voor de boeiende lezing waarna een luid applaus volgt van de 22 aanwezigen. Het warme weer heeft de opkomst duidelijk beìnvloed maar de thuisblijvers hebben veel gemist.

Reacties

Reacties

Laat een reactie achter