Een zwarte bladzijde (verslag lezing door drs. Monika Diederichs)

Op verzoek van de Historische Vereniging houdt Monika Diederichs op woensdagavond 25 januari 2012 een lezing over ‘de moffenmeiden.’ Voorzitter Hannie Visser-Kieboom opent de avond en vertelt dat zij heel wat opmerkingen, telefoontjes en brieven heeft ontvangen over het organiseren van deze lezing. De oorlog leeft voort en het onderwerp ‘de moffenmeiden’ – wat een rotwoord eigenlijk – ligt erg gevoelig. We willen vanavond geenszins deze meisjes en vrouwen te kijk zetten, integendeel, we willen recht doen aan hen die dit is overkomen. Het is schandalig wat er gebeurd is. Nog steeds zwijgen de mensen die het gezien en zelfs hieraan meegedaan hebben.

Monika Diederichs vertelt dat in 2006 haar boek verscheen: “Wie geschoren wordt moet stil zitten”. Dit boek gaat over moffenmeiden, ook wel moffenhoeren genoemd. Zij kon haar boek schrijven dankzij 56 vrouwen die dit hebben meegemaakt en die zij mocht interviewen. Van deze groep vrouwen bleken er vijf een vader te hebben die lid van de NSB was. De wijze waarop deze vrouwen zijn gestraft is ten hemel schreiend.

In de oorlog zijn er ongeveer 13 à 15.000 kinderen geboren, uit relaties van Nederlandse meisjes met Duitse militairen. De kinderen kwamen in veel gevallen terecht in speciale kindertehuizen waarvan er toen zo’n 27 in Nederland waren. Natuurlijk werden deze kinderen ook aangegeven bij de burgerlijke stand maar zij kregen pas in 1952 de Nederlandse nationaliteit.

Door een bijzondere rechtspleging werd het mogelijk om deze meisjes en vrouwen direct na de oorlog te bestraffen. Hen arresteren werd hierbij mogelijk. De buurt, een bekende of een familielid zorgde er vaak voor dat ‘de moffenmeiden’ werden opgepakt en geïnterneerd hoewel ook gebleken is dat anderen vrijuit gingen. De opgepakten kregen een huisarrest dat varieerde van zes maanden tot een jaar. Dat betekende tevens dat zij gedurende die periode niet op straat mochten komen. Monika laat schokkende beelden zien uit Maastricht en memoreert ook de Willemskazerne in Gorinchem waar ernstige dingen zijn gebeurd. De ‘lichte gevallen’ kregen een voorwaardelijke buitenvervolgingstelling en werden bijvoorbeeld verplicht ingezet als huishoudster. Wel werden zij tien jaar uitgesloten van het bekleden van ambten, het dienen in een gewapende macht, het mogen kiezen of gekozen worden en het optreden als raadsman of gerechtelijk bewindsvoerder. Omdat de postbode destijds de verkiezingsformulieren op alle adressen bezorgde, wist hij dus ook precies waar de ‘foute’ Nederlanders woonden.

Diederichs vertelt het gruwelijke verhaal van Petra Ruigrok uit Lisse die op 18 mei 1945 door 14 mannen uit haar huis wordt gesleurd en enorm mishandeld wordt. Ook vertelt zij dat al tijdens de oorlog briefkaarten worden gedrukt die bij de ‘moffenmeiden’ anoniem worden bezorgd met de aankondiging dat zij direct na de bevrijding rond zullen lopen met ‘kopje kaal’. Op vele plaatsen zijn al lijsten met namen van moffenmeiden aangelegd. Direct na de bevrijding is het een chaos en wordt er voor eigen rechter gespeeld. De rol van de BS en de OD is, volgens Monika, groter dan eerder gedacht. Op vrijwel alle afbeeldingen staan namelijk mannen met een band om hun arm. Na het scheren is – om de minachting te versterken – een foto gemaakt van de kaalgeschoren meiden. Het kwam zelfs voor dat de meiden een Duitse legerjas en schoenen aan moesten trekken.

Ook Werkendam wordt in haar boek genoemd als plaats waar geschoren is. Zij heeft deze informatie aangetroffen in het Noordbrabants Archief. Naast Werkendam is er ook in Nieuwendijk en Veen geschoren. In de provincies Zuid-Holland en Zeeland is het scheren het heftigst. In Goes heeft zij gelezen dat de OD hierbij betrokken is. Door het contact van de Nederlandse meiden en vrouwen met de Duitse militairen wordt in feite ‘nationale echtbreuk’ gepleegd.

Na de pauze worden er nog diverse vragen gesteld en opmerkingen geplaatst. 
De gemiddelde leeftijd van de meisjes die dit gruwelijke gebeuren is overkomen bedraagt ongeveer 21 jaar. Nog steeds rust er een groot taboe op dit onderwerp.
Het kaalscheren blijkt als straf al in de 15de eeuw voor te komen als de sexuele moraal werd overtreden. 
Een aanwezige spreekt zijn ergernis uit over de mannen van de BS want direct na de oorlog blijken die ineens allemaal ´verzetsstrijders´ te zijn.
Een vrouw vertelt dat haar moeder op 17 jarige leeftijd is kaalgeschoren want haar opa was bij de NSB. Nog steeds zwijgt iedereen hierover. Waarom wil niemand hierover praten?
Een andere aanwezige noemt degenen die geschoren hebben: ‘schorem’. 
Ook is er een reactie over de diepe schaamte die een toehoorder las in het dagboek van zijn opa. 
Monika licht toe dat nergens in Europa zoveel Joden zijn opgepakt als in Nederland. Voor de aangifte van een Jood ontving je toen tien gulden!

Voorzitter Hannie Visser-Kieboom sluit de avond af en bedankt Monika Diederichs voor de indrukwekkende lezing. Hierdoor hebben de 60 aanwezigen een beter beeld – hoe triest ook – gekregen over deze zwarte bladzijde in de Nederlandse geschiedenis. We zullen moeten erkennen dat er fouten zijn gemaakt. Daarom is zij blij met het feit dat de gemeente Werkendam spijt heeft betuigd over het verkrijgen van de eigendommen van de Joodse familie De Vries.

Reacties op het bovenstaande via dit e-mailadres van het bestuur.

Reacties

Reacties

Laat een reactie achter